
A1-certificaat en hercertificering: wat verandert er voor koelinstallateurs?
Nieuw koudemiddelcertificaat A1, hercertificering na 7 jaar en de overgang naar BRL 100 v3.0 op 31 augustus: wat installatiebedrijven nu moeten weten.
A1-certificaat en hercertificering: wat verandert er voor koelinstallateurs?
Wie de afgelopen maanden nieuws over F-gassencertificering heeft gevolgd, is twee dingen tegengekomen die makkelijk door elkaar lopen: de nieuwe A1-certificering voor monteurs en de nieuwe versie van de BRL 100 voor bedrijven. Het zijn twee aparte trajecten, met eigen tijdlijnen, maar ze grijpen wel op elkaar in. Wie ze los van elkaar bekijkt, mist een deel van het plaatje. Dit artikel zet beide naast elkaar.
Wat is het A1-certificaat precies?
Het A1-certificaat is onderdeel van een nieuw persoonscertificeringsstelsel voor het werken met koudemiddelen. Dit stelsel vervangt de bekende F-gassencategorieën en de losse vakbekwaamheidsbewijzen voor natuurlijke koudemiddelen door één doorlopende indeling: A1, A2, B, C, D en E.
In grote lijnen ziet dat er zo uit:
- A1: alle werkzaamheden aan installaties met F-gassen en koolwaterstoffen, ongeacht de hoeveelheid koudemiddel.
- A2: dezelfde werkzaamheden, maar beperkt tot kleinere vullingen (doorgaans onder de 3 kg, of 6 kg bij hermetisch afgesloten systemen).
- B: werkzaamheden aan installaties met kooldioxide (CO₂).
- C: werkzaamheden aan installaties met ammoniak (NH₃).
- D en E: meer afgebakende taken, zoals uitsluitend terugwinnen of uitsluitend lekcontrole zonder het circuit te openen.
De reden voor deze indeling is dat de herziene Europese regelgeving voor gefluoreerde broeikasgassen niet langer alleen F-gassen reguleert, maar ook koolwaterstoffen, CO₂ en ammoniak onder dezelfde certificeringsplicht brengt. Voor monteurs betekent dit dat werken met natuurlijke koudemiddelen niet langer een uitzondering is, maar onderdeel van hetzelfde certificeringskader als F-gassen.
Hercertificering: het belangrijkste verschil met vroeger
Onder het oude stelsel was een F-gassencertificaat in de praktijk onbeperkt geldig. Dat verandert. De nieuwe certificaten A1 tot en met E zijn zeven jaar geldig. Na die termijn is hercertificering nodig om bevoegd te blijven.
Voor monteurs die al langer in het vak zitten, geldt een overgangsregeling. Wie beschikt over een nog geldig ouder certificaat (bijvoorbeeld F-gassen categorie 1 in combinatie met een certificaat voor brandbare koudemiddelen) kan bij het overstappen naar A1 vrijstelling krijgen voor het praktijkexamen. Die vrijstelling is geen vrijbrief: er moet altijd een aanvullende theorietoets worden gehaald waarin de praktijkkennis wordt getoetst. Vergelijkbare vrijstellingen gelden voor de overstap naar B (bij een geldig CO₂-certificaat) en C (bij een geldig ammoniakcertificaat).
Hoe zit het met de overgangsperiode?
Wie die toets haalt, krijgt een volwaardig A1-certificaat. Dat betekent: geen overgangsvariant, maar het volwaardige nieuwe certificaat. Vergelijkbare vrijstellingen gelden voor de overstap naar B (bij een geldig CO₂-certificaat) en C (bij een geldig ammoniakcertificaat).
Alle monteurs moeten uiterlijk 12 maart 2029 zijn overgestapt op het nieuwe stelsel. Wie zijn A1 via de overgangsregeling heeft behaald, is al overgestapt. Voor hem gelden dezelfde regels als voor iedereen die het volledige examen heeft afgelegd: hercertificering na zeven jaar, gerekend vanaf de afgiftedatum van het nieuwe certificaat."
Voor bedrijven die met meerdere monteurs werken, is dit vooral een planningsvraagstuk. Examencapaciteit is niet onbeperkt, en 2029 lijkt ver weg tot het moment dat opleiders en exameninstellingen in de laatste maanden vollopen. Wie nu al inventariseert wie welk certificaat heeft en wanneer dat verloopt, voorkomt dat de hercertificering van het hele team in hetzelfde kwartaal moet plaatsvinden.
De link met BRL 100 versie 3.0
Dit is waar het tweede traject in beeld komt. A1 (en B, C) zijn persoonscertificaten, ze zeggen iets over de individuele monteur. BRL 100 is het ondernemingscertificaat: het bewijs dat een bedrijf als geheel voldoet aan de eisen om werkzaamheden met koudemiddelen namens opdrachtgevers uit te voeren.
Die twee zijn niet los van elkaar te zien. Een van de algemene eisen in BRL 100 is dat een onderneming voldoende gecertificeerd personeel in dienst moet hebben om het verwachte werkvolume te kunnen uitvoeren. Met andere woorden: geen geldig BRL 100-certificaat zonder monteurs met een geldig persoonscertificaat.
En de BRL 100 verandert zelf ook. Versie 3.0 is niet zomaar een update: de certificeringsplicht wordt uitgebreid naar natuurlijke koudemiddelen. Waar bedrijven voorheen alleen voor F-gassenwerkzaamheden gecertificeerd hoefden te zijn, kent BRL 100 v3.0 nu drie deelgebieden:
- Deelgebied I: F-gassen en koolwaterstoffen (vereist personeel met A1 of A2)
- Deelgebied II: kooldioxide (vereist personeel met B)
- Deelgebied III: ammoniak (vereist personeel met C)
Een bedrijf wordt alleen gecertificeerd voor de deelgebieden waarin het daadwerkelijk werkzaamheden uitvoert. Maar werkt een installatiebedrijf bijvoorbeeld al langer aan CO₂-installaties zonder dat daar tot nu toe een aparte certificeringsplicht voor gold, dan verandert dat met versie 3.0: dan is ook voor dat deelgebied een BRL 100-certificaat nodig, én personeel met het bijbehorende persoonscertificaat.
De overgangsperiode: wat betekent dit concreet?
BRL 100 versie 3.0 is vastgesteld door Rijkswaterstaat en treedt formeel in werking na een overgangsperiode. Vanaf 31 augustus 2026 worden BRL 100-audits en -certificeringen uitgevoerd volgens versie 3.0.
Voor bedrijven die al een geldig BRL 100 v2.0-certificaat hebben, verandert er op die datum niet meteen iets ingrijpends: er komt geen extra audit bovenop de bestaande auditcyclus. De overstap naar versie 3.0 vindt plaats bij de eerstvolgende reguliere audit na 31 augustus 2026. Bestaande v2.0-certificaten blijven in de tussentijd geldig.
Waar het wél op aankomt, is voorbereiding. Vooral als je bedrijf te maken heeft met natuurlijke koudemiddelen:
- Breng in kaart onder welk(e) deelgebied(en) je bedrijf straks valt. Werk je (ook) met CO₂ of ammoniak, dan is dat een nieuw certificeringstraject naast je bestaande F-gassencertificering.
- Check per monteur welk persoonscertificaat nodig is en wanneer dat verloopt. Dit is dezelfde inventarisatie als bij de A1-hercertificering hierboven, dus doe het in één keer.
- Werk je kwaliteitshandboek en procedures bij. Nieuwe deelgebieden betekenen nieuwe registratieverplichtingen: denk aan taak-risicoanalyses voor brandbare koudemiddelen, en aangepaste werkinstructies voor CO₂ en ammoniak.
- Plan opleidingen en examens ruim vooraf. Zoals bij de persoonscertificering geldt: wachten tot vlak voor de deadline betekent wachten op een volle agenda bij opleiders.
Waarom dit nu al de moeite waard is om op te pakken
De twee trajecten (A1-hercertificering voor monteurs en de overgang naar BRL 100 v3.0 voor bedrijven) lopen niet toevallig gelijk op. Beide zijn een direct gevolg van dezelfde herziene Europese regelgeving voor gefluoreerde broeikasgassen, die de reikwijdte van certificering verbreedt naar natuurlijke koudemiddelen. Wie het ene traject regelt zonder naar het andere te kijken, loopt het risico dat het bedrijfscertificaat op orde is terwijl niet alle monteurs de juiste papieren hebben of andersom.
De praktische kern is simpel: één overzicht van wie welk certificaat heeft, welk deelgebied daarbij hoort, en wanneer beide vervallen, voorkomt dat je dit najaar voor verrassingen komt te staan. Binnen Climatools houden installatiebedrijven dit overzicht centraal bij (van individuele certificaatvervaldata tot de status van het bedrijfscertificaat per deelgebied) zodat dat overzicht er al ligt zodra een auditor erom vraagt.
Bronnen: BRL 100, versie 3.0 (Rijkswaterstaat, vastgesteld 5 december 2025) en publieke informatie van NVKL over de nieuwe persoonscertificering onder de F-gassenverordening.
Hulp nodig?
Neem vrijblijvend contact op voor meer informatie en advies op maat.
Climatools Blogs
Tips, tricks, trends en nieuws
Blijf op de hoogte van de laatste ontwikkelingen binnen de klimaattechniek.

A1-certificaat en hercertificering: wat verandert er voor koelinstallateurs?
Nieuw koudemiddelcertificaat A1, hercertificering na 7 jaar en de overgang naar BRL 100 v3.0 op 31 augustus: wat installatiebedrijven nu moeten weten.

De toekomst van technisch opleiden: van klaslokaal naar app
Klassikaal leren is voor de installatiesector aan vervanging toe. Ontdek waarom microlearning, gamification en mobiele leerroutes het verschil maken voor BRL 200, F-gassen en compliance.

De stille certificeringscrisis: waarom Nederland in 2027 te weinig BRL-gecertificeerde installateurs heeft (en wat je nu al kunt doen)
Nederland heeft straks te weinig BRL-gecertificeerde installateurs. Ontdek waarom dit een stille crisis is, wat er nu al gebeurt, en wat installatiebedrijven kunnen doen om voorbereid te zijn op de F-gassenverordening en BRL 100 in 2026-2029.

De stille certificeringscrisis: waarom Nederland in 2027 te weinig BRL-gecertificeerde installateurs heeft (en wat je nu al kunt doen)
Nederland heeft straks te weinig BRL-gecertificeerde installateurs. Ontdek waarom dit een stille crisis is, wat er nu al gebeurt, en wat installatiebedrijven kunnen doen om voorbereid te zijn op de F-gassenverordening en BRL 100 in 2026-2029.

Verschil tussen BRL 6000-25 en K25000 CO-certificering voor gasinstallaties
Sinds 1 april 2023 is een CO-certificering verplicht voor ieder bedrijf dat werkt aan gasverbrandingsinstallaties zoals cv-ketels, gashaarden en bijbehorende lucht- en rookgasafvoeren. Maar welke certificering past het beste bij jouw bedrijf? In dit artikel lopen we samen door de verschillen, voor- en nadelen, en helpen we je een weloverwogen keuze te maken.

Veiligheidsnormen in de Installatietechniek: Alles Wat je Moet Weten Over de VCA-certificering
Als je als installateur klussen uitvoert, is het belangrijk dat dit veilig gebeurt. Met een VCA-certificering laat je zien dat je als installatiebedrijf kennis hebt van hoogstaande veiligheidsnormen en je werkzaamheden op basis van deze standaarden uitvoert.
.webp)






